Henk Vredeling: Gedenkwaardigheden Print
Psalm 143:3 moest eraan te pas komen om de oud-gereformeerde Henk Vredeling weer in het hok te krijgen. In een interview met Bibeb in Vrij Nederland had hij oud-minister Joseph Luns gediskwalificeerd als een Navo-paladijn. Uitsmijter van zijn tirade was: “als ik ‘m voor m’n voeten krijg, schop ik hem de goal in”.

Een interview met voorbedachten rade...

En passant kreeg ook zijn collega-minister Max Van der Stoel nog een beurt. Volgens Henk liep die “met zijn benepen bekkie achter Luns aan”.

“Zet Heer een wachter voor mijn lippen, behoed de deuren voor mijn mond”.
Zo citeerde Minister-President Joop den Uyl deze psalm toen hij Vredeling op zijn departement ontbood. Hij moest wat doen, want voor velen op het Binnenhof waren de rapen gaar. “Aftreden”, was de opgewonden conclusie van menigeen. Daaronder waren overigens een aantal “getrouwe” hazen die snel en angstig een ander pad kozen.

Vredeling kende zijn klassieken trouwens ook nog. Terwijl ze samen door de kamer van Joop ijsbeerden, riposteerde hij: “Opdat er mij te gener stond iets onbedachtzaams zou ontglippen….”

Dat klinkt schuldbewust. Maar hoezo “onbedachtzaam”?
Een week voor het interview werd gepubliceerd, at een klein gezelschap in het restaurant van Pulchri Studio, aan het Lange Voorhout in Den Haag.  Tussen twee happen door richtte Vredeling zich tot Den Uyl en vroeg hem of hij Bibeb ook zo’n mooie vrouw vond. Geen vraag waar Joop direkt weg mee wist. Hij grimlachte wat verlegen, bevestigde het een beetje besmuikt.
“Nou ik vind het een prachtig wijf”, legde Vredeling er nog een schepje bovenop. “Heb je haar gesproken?” vroeg Den Uyl. “Gesproken? Ze heeft mij heel lang geinterviewd!  En ik heb haar wel een paar dingen verteld”.  Insteken, dat kon-ie wel, die Henk. “Ja, dat zal wel,. dat is je wel toevertrouwd” , probeerde Joop neutraal, niet op zoek naar nieuwe problemen.. Vredeling: “ik heb het concept nagelezen en ik heb alles laten staan zoals ik het gezegd had. Het zal wel de aandacht trekken..” Ja, zo kenden we hem wel, gezegd is gezegd.“Het verschijnt volgende week; jullie zullen het wel lezen,” zo timmerde Henk zijn “aankondiging” dicht.Ook al volgde er een Kamerdebat waarin Vredeling nederig excuses offreerde, gezegd bleef gezegd. Psalm of geen psalm.  

Henk Vredeling: gedenkwaardigheden (2) 
Wapenleveranties aan een klein land in oorlog. 

We gaan terug naar 6 oktober 1973; het is Jom Kippoer, Grote Verzoendag, en uitgerekend op die dag wordt Israel door zijn buurlanden aangevallen. Onverhoeds. Zo onverhoeds dat er ongekend zware verliezen worden geleden aan Israelische kant. Zo zwaar zijn die verliezen dat de Israeli het benauwd krijgen. Zo benauwd dat ze hulp van buiten moeten inroepen.  Er is dringend vervangend materieel nodig, van tanks tot en met munitie. Het benauwende is bovendien dat de Amerikanen er politiek tabak van hebben om nog als hoofdleverancier op te treden en de Engelsen hebben hun eigen motieven om niet te willen leveren.De Israelische ambassadeur in Nederland, Bar On, wordt op pad gestuurd. Door toedoen van Awraham Soetendorp komen Bar On en ik met elkaar in gesprek. We hadden elkaar vaker ontmoet en hij weet dus dat ik dicht bij Den Uyl zit en ziet daar een mogelijkheid.Na ons gesprek, ’s ochtends, bel ik rechtstreeks met Henk Vredeling en vertel hem onder vier oren mijn ervaringen en suggereer dat hij zelf met Bar On spreekt. Hij stemt meteen in, maar wil dat niet op het Departement doen. Nergens is het safer dan in het hol van de leeuw, dus breng ik beide heren in contact in een spreekkamer in het gebouw van de Tweede Kamer. Het is dan twee uur ’s middags. Het gesprek duurt, schat ik,  een uur of twee en dan weet Vredeling genoeg. Hij gaat terug naar “Defensie” , roept zijn staatssecretaris Bram Stemerdink en zijn secretaris-generaal Gerard Peijnenburg erbij en de leveranties worden op touw gezet. Op zijn manier “genoot” Vredeling van de operatie. Hij kon iets zeer concreets doen voor Israel (in zijn terminologie, “voor de joden”).  Hij hield Max van der Stoel er buiten, voor zeker aannemend dat die allerlei bezwaren zou hebben ontwikkeld, en ook Joop den Uyl, van wie hij weliswaar geen tegenwerking verwachtte, maar hij zag wel aankomen dat Den Uyl eerst Van der Stoel zou willen raadplegen.De feitelijke uitvoering was in handen van Bram Stemerdink, bijgestaan door generaal Antonissen. Willy Brandt was op de hoogte (het matriaal kwam deels uit Duitsland) en met hem was afgesproken dat hij achteraf –zonodig- bozig zou reageren. In Engeland –ook houder van veel materieel- lag het ingewikkelder. Heath –na Wilson aan de macht- wilde niet meewerken, hij wilde een “evenhanded policy”.

Het materieel werd gevlogen naar Ramstein in Duitsland en vandaar  ging het richting Israel. De Nederlandse vliegbasis Gilze Rijen verwerkte die drukte, en die was niet gering: de ene Boeing na de andere koos het luchtruim. Fascinerende bijkomstigheid: de omwonenden van Gilze Rijen keken in de lucht en wisten het zeker: “Dat gaat naar Israel”. Maar nooit een woord op straat, en geen letter erover in welke krant dan ook. Integendeel: iedereen hield blijkbaar vanzelfsprekend zijn mond dicht.

(Later zou zich die zwijgende “solidariteit” overigens herhalen toen straaljagers daar oefenden op “treinen” , als voorbereiding op het overmeesteren van de gekaapte trein bij De Punt. ).
Het is een Verzoenende gedachte: soms moet je maar gewoon op de mensen vertrouwen.
 

Henk Vredeling: gedenkwaardigheden  (3) 
De asbak die een whiskyfles was….  
 

“Bij Henk Vredeling denk je snel aan het asbakincident…”
schreef Mark Kranenburg in de NRC van 5 november 2007.
Met het bekend worden van het overlijden van oud PvdA-politicus Henk Vredeling dook “het verhaal”over de asbak weer op, zo memoreert hij en vertelt vervolgens de story. Na omvangrijke drankconsumptie zou Europees Commissaris Vredeling in 1979 in een Straatsburgse horecagelegenheid de Nederlandse CDA-europarlementariër Jim Jansssen van Raay een asbak naar het hoofd hebben gesmeten. Aangezien Janssen van Raay tijdig wist weg te duiken werd niet hij maar een grote spiegelwand achter de bar geraakt die vervolgens in gruzelementen lag. Over waar het incident zich precies afspeelde lopen de meningen uiteen. En dan de schade: in de light versie van het verhaal viel de spiegel in stukken uiteen. Maar de smeuïge versie die –vooral als het laat is geworden- nog altijd in het Franse Straatsburg wordt verteld, stortte de spiegel achter de bar met donderend geraas naar beneden waarbij ook alle ervoor staande drankflessen meegingen.

   Hoog tijd, zegt Kranenburg dan, voor het werkelijke verhaal waarvoor twee bronnen beschikbaar zijn. Het “slachtoffer” Jim Janssen van Raay en Henk Beereboom, destijds werkzaam op het kabinet van Europees Commissaris Vredeling, die tien minuten na het delict de zaak voor zijn baas kwam afhandelen.

 * …naar het was geen asbak die door de ruit ging… 

 luidt het tussenkopje dan en de tekst vervolgt: Op basis van hun informatie dienen onmiddellijk drie niet onbelangrijke correcties aangebracht ter worden: het was geen spiegel achter een bar maar een “gewone”doch grote spiegelruit, het was geen asbak maar een lege whiskyfles, en de actie was niet gericht tegen Jim Janssen van Raay maar tegen de niet aanwezige Britse eurocommissaris Roy Jenkins aan wie Vredeling zich eerder die dag tijdens een vergadering enorm geërgerd had. “Als Vredeling het werkelijk op mij gemunt had, was ik dood geweest”, zegt Janssen van Raay bijna 30 jaar na dato. Het klopt dat ze eerder op de avond ruzie met elkaar hadden gehad. Dat was in de bar van Hotel Sofitel waar de toen al in kennelijke staat verkerende Vredeling Janssen van Raay, met wie hij net kennis had gemaakt, uitschold voor “bunkerbouwer”. Dat viel totaal verkeerd bij de europarlementariër die tijdens de Tweede Wereldoorlog in een Jappenkamp was geïnterneerd.

 * …en de hoop was dat de barman zou zwijgen…. 

In de lobby van het hotel, de bar was inmiddels gesloten, legden de heren onder het ledigen van een fles whisky hun ruzie snel weer bij. Maar bij Vredeling was de alcoholspiegel zodanig gerezen dat hij plotseling in blinde woede ontstak over zijn medecommissaris Jenkins en daarbij de inmiddels lege whiskyfles door de ruit smeet, aldus de lezing van Vredelings toenmalige medewerker Beereboom.

Die ging ervan uit de zaak discreet geregeld te hebben, maar de nog in het hotel aanwezige Italiaanse barkeeper die alles had gezien, vertelde het verhaal enkele weken later aan Italiaanse journalisten. “Ik heb toen nog aan Henk voorgesteld het gewoon te ontkennen, maar dat wilde hij niet”, zegt Janssen van Raay. “Daar herkende ik de streng gereformeerde in die niet mag liegen. Ik als Lutheraan had daar minder moeite mee. Toen heb ik voorgesteld er in elk geval een asbak van te maken in plaats van een lege whiskyfles. Dat vond Henk geen probleem.”

En de genoemde schade van 25.000 gulden die ermee gemoeid was, is dat wellicht dan ook onjuist? Henk Beereboom: “Uhh, nee, dat kan wel kloppen.”

 

Voilà.

 * * * *